Sommige tekens voor enkelvoudige klanken (monoftongen) wijken af van de vaste tekens die in de spelling van het Nederlands gebruikt worden:
de è, de ó, de ö, de ao, de ae en de äö.
a. de è
De è is het vaste teken voor een klank die het Nederlands niet heeft, maar die in het Limburgs tamelijk vaak voorkomt. Het is een korte klinker die wat openheid van de mond ligt tussen twee klanken die in het Nederlands wél voorkomen: de e en de i in bed en bid. Bedoelde klank komt ook voor in het Frans, bijvoorbeeld in de woorden mais, presque, prêt. In het RP Engels (Engels in Received Pronunciation) komt het voor in Ben van Big Ben.
De è als teken komt uit de spellingtraditie van het Limburgs. (Het teken ó heeft een teken boven de basisletter dat de tegenovergestelde kant uit wijst.)
b. de ó
De ó is het vaste teken voor een klank die het Nederlands niet heeft. Ook deze klank komt in het Limburgs tamelijk vaak voor. Het is een korte klinker, die ligt tussen de o en de oe in bot en boet.
De spelling als ó komt weer uit de spellingtraditie van het Limburgs.
(Het teken è heeft een teken boven de basisletter dat de tegenovergestelde kant uit wijst.)
c. de ö
De klinker ö is de umlaut van o: pot – pötje, rok – rökske. Het spellingteken is overgenomen uit het Duits; het is al lang opgenomen in de spellingtraditie van het Limburgs. In het Nederlands, het Frans en het Engels komt deze klank niet voor. In het Duits zoveel te meer: Köln, Förster, Körbchen.
De lange variant van de ö wordt (zie volgend punt 6d) in het Limburgs gespeld als äö. Het teken öö komt in deze regeling niet voor: de klank zonder umlaut zou namelijk oo moeten zijn (*pöölke > *pool). Dat teken is echter al traditioneel voor een andere klank bezet. De redenering vanuit de korte klank ö is dus onvruchtbaar.
d. de ao en de äö
De ao is het teken dat gebruikt wordt voor een lange monoftong (een ‘eenklankige’ klinker: een klinker die vanaf begin tot einde hetzelfde timbre heeft). In het Frans komt deze klinker voor in woorden als cor, mort, port; in het Engels in woorden als for, four, flour.
De regelmatig daarmee samenhangende umlaut wordt gespeld als äö (paol – päölke, Klaos – Kläöske).
e. de ae
De ae is het teken voor een lange monoftong die ook voorkomt in het Frans être, père, mère en het Engels fair, there. In het Nederlands is deze alleen te horen in leenwoorden: serre, (fancy) fair. In het Limburgs komt deze klank vaak voor, net als in het Duits.
De spelling ae voor deze klank in het Limburgs is tamelijk betwist geweest: in oudere geschriften komt men wel ê en ai tegen. Deze worden thans niet meer gebruikt voor deze klank.
dinsdag 11 september 2007
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten