De tekens ieë, oea, uue en varianten zijn tekens die binnen de lettergreepgrens gebruikt worden. Ze geven aan dat er binnen de lettergreepgrens een diftong is. Voor oea en uue is dat niet problematisch, voor ieë en varianten wel, omdat er gevallen zijn van twee lettergrepen die er veel op lijken in uitspraak.
Bij eenlettergrepigheid is de spelling dan ieë; als er twee lettergrepen zijn, wordt er gekozen voor de spelling –ieje.
Voorbeelden:
wieje ‘wilgen’ en niet: wieë;
rieje ‘rijden’ en niet: rieë;
blieje ‘blije’ en niet: blieë.
Gevallen als rieë ‘ree’ zijn daarmee goed te onderscheiden van gevallen als rieje ‘rijden’.
dinsdag 11 september 2007
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten